Gezinsblad
Isbrand Willems van Rijt, geb. ± 1594, ovl. te Schiedam 1668, begr. te Kethel 6 mei 1668, zoon van Willem Vrancken van Rijt en Claesge Gerritsdr
Een aantal "van Rijt'en" heeft zich tijdelijk laten bedienen van een andere achternaam, in dit geval "Oosterveen".
=======================
Uit: Rechtelijk archief Zouteveen
Nr. 22 folio 18 d.d. 12-03-1633.
Jan Cornelisz. Ouwerkerck heeft verkocht aan Isbrant Willemsz. Oosterveen beiden schepenen van Zouteveen 4 morgen ½ hond patrimoniaal land, de oude brief in dato 04-06-1568, gemeen gelegen in een kamp van 9 morgen, belend in het geheel ten O: de koper zelf en Aerien Aeriensz. Moijman, ten W: Jan Jansz. de Jonge, strekkende van de Slinksloot zuidwaarts tot in de Zwet. Belast met een rente van f 12 per jaar toekomende het convent van St. Jeronimus Doel te Delft. Prijs f 1.000 aan contant gelden een een rentebrief van f 800.
-----------------------------------------
Nr. 23 folio 19 d.d. 12-03-1633.
Isbrant Willemsz. Oosterveen bekent verkocht te hebben aan Jan Cornelisz. Ouwerkerck een losrente van f 32 van 40 groten Vlaams per jaar. Hij verbindt hieraan 4 morgen ½ hond patrimoniaal land, als restant van de koop waaruit deze rente is spruitende. Gemeen gelegen in een kamp van 9 morgen, belend in het geheel ten O: de rentgever zelf en Arien Ariensz. Moijman en ten W: Jan Jansz. de Jonge, strekkende van de Slinksloot zuid waarts tot in de Zwet.
------------------------------------------
Rechtelijk archief Zouteveen:
Nr. 57 folio 48 d.d. 20-10-1635.
Isbrant Willemsz. Oosterveen onze broeder in officio heeft verkocht aan Arijen Arijensz. Moijman wonende in Spaland een kamp van 2 morgen 4 hond 42 roeden patrimoniaal land, gemeen in 2 weren tezamen groot 21 morgen, belend de gehele partij, ten W: het Weeshuis van Delft, ten O: Claes Ghijsen en Sijmon Claesz. met bruikwaar en Cornelis Burgertsz. met eigen, strekkende uit de Zwet noordwaarts op over het Tanthof tot over de oude Slinksloot. Vrij en niet belast. Prijs f 1.176-17-0, contant geld.
------------------------------------------
Dingboek Kethel:
Nr. 175 folio 74 d.d. 02-08-1668 ut supra.
De weduwe en boedelhoudster van Isbrant Willemsz. van Rijt wonende Schiedam eiseresse contra Arijen Jacobsz. Coppert gedaagde voor betaling van f 500 carolus met de intrest van dien sedert 24-06-1667, ter zake van geleend en van de voorn. overleden Isbrant Willemsz. van Rijt, ontvangen en genoten penningen, verleden op 24-06-1665 voor schepenen alhier.
------------------------------------------
Rijt, IJsbrand Willemsz. van , wonende te Schiedam. Heeft te innen van Mr. Dirck Duvall, wonende te Vlaardingen de som van 500 Car. guldens. 5 mei 1660.
========
Oud Rechtelijk archief Schiedam
20-05-1661. Arie Eliasz. zeevarende man schuldig aan Isbrant Willemsz. van Rijdt een jaarlijkse losrente van 10 gld (hoofdsom 200 gld) tegen een rente van 5% per jr, te lossen met 25 gld per jr. Waarborg een huis en erf gelegen in de Breestraat, belend O Simon Claesz. metselaar en W Hendrick Eeuwoutsz., strekkende voor van de straat tot achter aan de Zijlsloot.
========
Oud rechtelijk archief Schiedam
24-12-1664. Arie Huijgensz. van Poortegael wonende binnen dezer stede schuldig aan IJsbrandt Willemsz. van Reijt een losrente van 6 gld per jr (hoofdsom 100 gld). Waarborg een huis en erf.gelegen omtrent de Schie op het Cleijn watertgen, belend N Jacob Jansz. van der Meer gehuwd met Sijtgen Evertsdr. en Z Aechgen Sieren, strekkende voor van de straat tot achter aan het huis van de voorsz. Jacob Jansz.
========
Oud Rechtelijk archief Schiedam
24-11-1665. Jacob Jansz. van der Meer molenaar wonende binnen dezer stede verkoopt IJsbrandt Willemsz. van Rijth zekere custingbrief pro resto 19 gld tlv Arie Joostenz. Stol gepasseerd op 16-02-1664 voor schepenen alhier. Voldaan in mindering en afllossing van zekere obligatie onder de hand van 12-11-1665. Kanttekening 01-05-1671. Arie Joostenz. Stol vertoont de originele rentebrief die afgelost is.
========
Rijt, Isbrant Willemsz. van, gehuwd met Leentge Sijmons, wonende te Schiedam maken hun testament en prelegateren en legateren aan hun dochter Maertge Isbrants het huis waarin zij wonen, gelegen aan de Zijlstraat, uitkomende aan de Vest. verder 12 morgen land in Zouteveen en 2 morgen in Vlaardingerbroeck. Ten tweede aan de gezamenlijke kinderen van za. Claesgen Isbrants, gehuwd geweest met Cornelis Vrancken Slobbe, land in Vranckelandt en een bedrag aan geld. Tot voogden stellen zij voorn. Cornelis Vrancken Slobbe en Willem Vrancken van Rijt, schoonzoon en neef, beide wo. in Zouteveen. 23 april 1668.
========
Oud rechtelijk archief Schiedam
07-09-1686. Vranck Cornelisz. Slobbe en Willem Cornelisz. Slobbe mitsgaders Gabriel Harmensz. Overgaegh gehuwd met Neeltgen Cornelisdr. kinderen van Cornelis Franckensz. Slobbe die gehuwd is geweest met Claesgen IJsbrantsdr. die een dochter was van IJsbrant Willemsz. van Rijt en zulks kleinkinderen en erfgenamen van de voorsz. IJsbrant Willemsz. van Rijt verkopen Sijmon Leendertsz. van der Spit 3 margen 1 hond 37 roeden weiland gelegen in het West Franckenland buiten dezer stede, belend O Mr Johan van der Linde en W dezer stede landen, strekkende voor van de Groenewegh tot achter aan de watering of de Maascade, voor 1850 gld te betalen met 50 gld gereed en 1800 gld behoudt de koper onder zich tegen 3% rente per jr te lossen met 600 gld per jr met de rente.
------------------
RECHTELIJK ARCHIEF KETHEL en SPALAND - Nr. 175 folio 74 d.d. 1668 ut supra.
De weduwe en boedelhoudster van Isbrant Willemsz. van Rijt wonende Schiedam eiseresse contra Arijen Jacobsz. Coppert gedaagde voor betaling van f 500 carolus met de intrest van dien sedert 24-06-1667, ter zake van geleend en van de voorn. overleden Isbrant Willemsz. van Rijt, ontvangen en
genoten penningen, verleden op 24-06-1665 voor schepenen alhier.
-------------------
Rechterlijk Archief schiedam:107v. 24-12-1664. Arie Huijgensz. van Poortegael wonende binnen dezer stede schuldig aan IJsbrandt Willemsz. van Reijt een losrente van 6 gld per jr (hoofdsom 100 gld). Waarborg een huis en erf.gelegen omtrent de Schie op het Cleijn watertgen, belend N Jacob Jansz. van der Meer gehuwd met Sijtgen Evertsdr. en Z Aechgen Sieren, strekkende voor van de straat tot achter aan het huis van de voorsz. Jacob Jansz.

Isbrant Willems van Rijt, gehuwd met Leentge Sijmons, wo. te Schiedam maken hun testament en prelegateren en legateren aan hun dochter Maertge Isbrants het huis waarin zij wonen, gelegen aan de Zijlstraat, uitkomende aan de Vest. verder 12 morgen land in Zouteveen en 2 morgen in Vlaardingerbroeck. Ten tweede aan de gezamenlijke kinderen van za. Claesgen Isbrants, gehuwd geweest met Cornelis Vrancken Slobbe, land in Vranckelandt en een bedrag aan geld. Tot voogden stellen zijn voorn. Cornelis Vrancken Slobbe en Willem Vrancken van Rijt, schoonzoon en neef, beide wo. in Zouteveen. 23 april 1668.
Isbrant overlijdt in mei 1668 en wordt na zijn dood vervoerd naar Kethel.

Vernoemd in Rekeningen van de ontvanger van de 200ste penning 1635 en 1638. 1646 en 1653 te Schiedam onder de plaatsnaam Souteveen.
met:
Leentje Simonsdr. , ovl. ± 1670, dochter van Simon Maerten en Marijtge Pieters
1) Claesgen Isbrants van Rijt, ovl. voor 1668
Gehuwd (kerk) te Schiedam 17 apr 1653 met:
Cornelis Francken Slobbe
Protocol van schout en schepenen van Spaland:
Nr. 126 folio 97v. d.d. 02-06-1685.
Vranck Cornelisse Slobbe en Grabel Harmense Overgaegh gehuwd met Neeltje Cornelis Slobbe, mitsgaders Willem Cornelisse Slobbe, kinderen van Claasje IJsbrant van Rijt, erfgenamen van Maartjen IJsbrants van Rijt, welke het navolgende land aan haar vader IJsbrant Willemsz. van Rijt gelegateerd en besproken had, hebben in die kwaliteit verkocht aan Gerrit Joppen van Velsen wonende ambacht Kethel, 2 morgen land, zijnde middelmatig spaland, belend ten O: Gerrit Arijense van der Dussen, ten Z: de koper zelf, ten W: Joris Cornelisse en ten N: de Woudweg. De oude waarbrief in dato 07-05-1653. Vrij en niet belast. Koopsom f 700 carolus, contant geld.
-----------------------------------
Uit "De Katholiek" Godsdienstig, geschied- en letterkundig maandschrift - nieuwe reeks - vijfde deel - 1877"
-
Toen op een Zondag van het jaar 1617 pr. Ludovicus Makeblijde te Delft, vroeg in den morgen, den burgers ten dienste was geweest, kwam hem tegen negen ure een landman verzoeken, hem naar Vlaardingen te willen volgen; de priester doet dit en treft aldaar een huisgezin aan, tellend: vader en moeder en tien kinderen. Vijf der tien kinderen waren door een predikant gedoopt; de overige vijf, waarvan het jongste bijna drie jaren oud, waren ongedoopt gelaten; en de ouders hadden nimmer het Sakrament der Biecht ontvangen. Vier uren werden besteed aan onderwijs en opwekking, waartoe een Delftsche leek, Hendrik Veldius genoemd, behulpzaam was. De goede uitslag van dezen hier herdachten toga was
de verzoening der ouders en de aanwinst (door den H. Doop of dezes aanvulling) der tien kleinen voor de Kerk. Rijk beloond voor hunnen arbeid trokken pr. Makeblijde en zijne reisgezellen tegen den avond blijmoedig
huiswaarts, naar Delft. Waarschijnlijk zijn de bouwhoeven en andere woningen in het Vlaardinger-ambacht en de Souteveenen gelegen, en waarheen de toesnellende priesters zich verkleed of vermomd begaven om er te kerken, veiligheidshalve meermalen verwisseld; zóó ging het immers elders overal in die dagen doorgaans toe? In onze streek zal echter het kerk of vergadering houden wel meestal hebben plaats gevonden in de Souteveenen, dewijl in deze heerlijkheid verre weg het grootste gedeelte der bewoners Roomsch-Katholiek was gebleven:
in 't jaar 1666 waren alhier nog „twee paepsehe schepenen : Mees Dircxsz. Lauwevschilt en Cornelis Franke Slobbe en een paepsch gasthuismeester";
in 1668 was er zelfs „een derde paepsche schepen gesteld; de papisten verre aldaer sijnde de meeste in Getale , zoodat er zelfs geen welgeboren mannen aanwezig waren: in consideratie, dat daer geen personen van de gereformeerde religie sin, bequaem om die ampten te bedienen."
2) Maertje van Rijt, begr. te Kethel 10 feb 1677
Hoofdindex A-Z