Gezinsblad
Joost Pietersz Sasbout, geb. ± 1480, ovl. 13 nov 1545, Uit: Huwelijkse voorwaarden, verleden voor schepenen van Delft 1536-1594:
(O.R.A. Delft, inv. no. 305)

(fol. 4) 18-6-1537: Joost Pietersz. Sasbout, maakt huwelijkse voorwaarden met
Dirckgen Gerritsdr., met consent van haar oom Diric Diricz.
, zoon van Pieter Dirksz Sasbout en Margaretha Duyst van Voorhout
Judocus (Joost) Sasbout was een vermaarde rechtsgeleerde. Hij stierf als kanselier van het hof van Gelderland in 1546 in Arnhem. bij zijn leven maakte hij een fraai Latijns grafschrift dat in de grote kerk in Arnhem te lezen was.
1527: raadsheer Joost Sasbout houdt zich bezig met de hervorming van de Raad van Friesland en is vanaf die tijd specialist in het opzetten van nieuwe gewestelijke hoven.
1543: Gelre komt in Habsburgse handen, Joost Sasbout zet het nieuwe Hof van Gelre op en wordt kanselier. 1546: dood van Joost Sasbout.

18 juni 1537 (f. 4): HUWELIJKSE VOORWAAARDEN verleden voor schepenen van Delft.
Joost Pietersz. Sasbout en Dirckgen Gerritsdr. met consent van haar oom Dirric Dirricz. zijn gehuwd op de volgende voorwaarden: Joost is tevreden met wat Dirckgen inbrengt, waar van twee inven-tarissen zijn getekend door Joost, Dirricgen en DirricDircksz. Indien Dirckgen vooroverlijdt zonder kind(eren) dan doen haar erfgenamen afstand van haar goederen volgens de inventaris en krijgen alle kleren, kleinodiën e.d. ter waarde van 150 Kar. gld.en de haar aanbestorven goederen. Indien Joost vooroverlijdt zonder kind(eren) dan krijgt Dirckgen het bovengenoemde en nog 150 Kar. gld. en 36 Kar. gld. jaarlijkse rente. Indien Joost vooroverlijdt met kind(eren) dan doet Dirckgen afstand van haar inbreng en krijgt al haar kleren, kleinodiën e.d.ter waarde van 150 Kar. gld. en nog 150 Kar. gld., de aanbestorven goederen en als douarie eenmalig 600 karolische guldens.

Gehuwd (kerk) te Delft 1515 met:
Dirckgen Gerritsdr.
1) Anna Joost Sasbout, geb. ± 1515 met:
Cornelis de Jonge, geb. 12 jul 1512, ovl. te Utrecht 1578
Heer van Baardwijk, rentmeester van het huis van Wassenaar 1542-1547, raad in het Leenhof van Holland 1548-1577, hoogheemraad van Delfland 1544-1573, rekenmeester bij het Hof van Holland 1553-1578, stadhouder van de heer van Wassenaar 1556, woonde in Den Haag in 1564, uit zijn ambt van hoogheemraad ontslagen vanwege zijn koningsgezindheid en vlucht naar Utrecht in 1572, overleden te Utrecht in 1578, begraven in de Sint Catharinakerk aldaar, zoon van Jacob de Jonge en Clementia Jacobsdr. Pijnsen.
Hoofdindex A-Z